in de wereld

Naar Mars, of naar de toekomst?

Als tijdreizen naar de toekomst mogelijk zou zijn, zou je in een machine stappen, om er over honderd of tweehonderd jaar weer uit te komen. Je zou er niemand kennen, mensen zouden vertellen wat er met je vrienden en familie is gebeurd. Je verbaast je een paar weken lang over de nieuwste gadgets (iPhone 242S) en de stand van de gezondheidszorg (gemiddelde leeftijd is 324 jaar). En dan krijg je heimwee naar huis, naar je eigen tijd. Maar ja, terug naar de geschiedenis kan niet, want zo ver is de techniek nog niet.

Er is geen machine waarmee je naar de toekomst kunt, maar over een jaar of tien, twintig is er wel een andere manier. Tegen die tijd zal het mogelijk zijn om mensen in te vriezen zonder ze te beschadigen. En om ze dan eeuwen later weer te ontdooien. Dus mensen die heel erg zin hebben om te zien hoe het er in de toekomst aan toe gaat, kunnen ervoor kiezen om zich in te laten vriezen. Dan ben je er even een paar honderd jaar niet. Maar zodra je wakker wordt – en dat is voor je gevoel eigenlijk meteen nadat je bent gaan slapen – ben je de toekomst in gereisd.

En dan heb je hetzelfde probleem als bij de hierboven beschreven machine: je kunt niet meer terug. Dus je maakt vrienden met wat mensen uit de toekomst, maar die zijn eigenlijk toch wel heel vreemd. En je gaat bij een lotgenotengroep van mensen die zich rond dezelfde tijd hebben laten invriezen. Maar die mensen ken je helemaal niet. Uiteindelijk word je best wel ongelukkig.

Hetzelfde verhaal met een reis naar Mars. Over een jaar of tien, twintig is de heenreis goed te doen. Je kunt alleen niet meer terug. Overal hangen camera’s, want je reis is onderdeel van een Big Brother-achtig programma. De eerste maanden is het spannend, en je hebt ook wat vrienden gemaakt onder de mensen die met je mee zijn gegaan.

Maar na vier maanden begin je de aarde toch wel erg te missen. Je had niet gedacht dat het leven in een kleine nederzetting op Mars zo saai zou zijn. Je wilt wel weer eens in de zee zwemmen. Je wilt wel weer eens door de bergen wandelen. Maar dat kan allemaal niet. Je kunt op een hometrainer fietsen. En je kunt World of Warcraft spelen. Af en toe draai je een beetje door. Je loopt naar een van de camera’s, en je roept: ‘Mam! Help! Stuur alsjeblieft een raket om me hier weg te halen! Ik word hier gek! Ik hou van je!’

En het ergste is, je familie en vrienden hadden je hiervoor gewaarschuwd. Maar je dacht dat het wel mee zou vallen. Je bent (of was?) toch meer op ze gesteld dan je dacht.

Geef een reactie

Reactie